Kansspelautoriteit presenteert nieuwe data over gokgedrag van minderjarigen en jongvolwassenen
Kansspelautoriteit presenteert nieuwe data over gokgedrag van minderjarigen en jongvolwassenen

De Kansspelautoriteit heeft inzichten vrijgegeven uit drie afzonderlijke studies die het gokgedrag van minderjarigen en jongvolwassenen in kaart brengen terwijl de toezichthouder deze informatie gebruikt om beschermingsmaatregelen verder aan te scherpen. De onderzoeken richten zich op 18- tot 24-jarigen in hun eerste drie maanden na registratie bij een legale online aanbieder, op MBO-studenten en op de manieren waarop minderjarigen met kansspelen in aanraking komen.
Opzet van de studies en verzamelde gegevens
Onderzoekers analyseerden registratiegegevens en speelsessies van jongvolwassenen die zich voor het eerst aanmeldden bij vergunde platforms en combineerden die met enquêtes onder MBO-studenten terwijl zij tegelijkertijd keken naar online en offline kanalen waar minderjarigen kansspelen tegenkomen. De datasets omvatten zowel kwantitatieve gedragsmetingen als kwalitatieve interviews waardoor patronen zichtbaar werden in aanmeldingsmomenten, speelfrequentie en blootstelling aan reclame of sociale invloeden.
Resultaten bij 18- tot 24-jarigen in de eerste maanden
De eerste studie toonde dat een aanzienlijk deel van de nieuwe registranten in de leeftijdsgroep 18-24 al binnen de eerste drie maanden een vast speerritme ontwikkelt waarbij stortingen en sessieduur snel toenemen wanneer bonussen of snelle uitbetalingsopties worden aangeboden. Gegevens wezen uit dat risicovol gedrag vaker voorkomt bij spelers die zich via mobiele apps aanmelden vergeleken met desktopgebruikers terwijl de rol van sociale media-advertenties als trigger voor aanmelding werd bevestigd.
Bevindingen onder MBO-studenten
De tweede studie richtte zich op MBO-studenten en bracht aan het licht dat een deel van deze groep al voor de wettelijke leeftijd experimenteert met online kansspelen via accounts van vrienden of familieleden waarna zij na het bereiken van achttien jaar direct overstappen naar legale aanbieders. Enquêtes wezen uit dat financiële druk, nieuwsgierigheid en groepsdruk de belangrijkste motieven vormen terwijl kennis over limieten en zelfuitsluitingsmogelijkheden beperkt blijkt te zijn.
Manieren waarop minderjarigen met gokken kennismaken

De derde studie onderzocht ontmoetingen van minderjarigen met kansspelen en concludeerde dat illegale websites, sociale media-influencers en games met lootbox-systemen de voornaamste toegangspoorten vormen. Observaties lieten zien dat reclame die zich richt op sport of populaire streamers minderjarigen bereikt via platforms waar leeftijdscontroles zwak zijn terwijl fysieke ontmoetingen in sportkantines of op schoolfeesten nog steeds een rol spelen.
Gebruik van de inzichten door de toezichthouder
De Kansspelautoriteit combineert de resultaten om bestaande beschermingsinstrumenten te evalueren en waar nodig aan te passen waardoor gerichtere voorlichting, strengere leeftijdsverificatie en gerichte handhaving tegen illegale aanbieders mogelijk worden. De studies leveren concrete indicatoren op die toezichthouders kunnen gebruiken om vroege signalen van risicovol gedrag bij jongvolwassenen te herkennen en om kanalen te identificeren die minderjarigen blootstellen aan illegaal aanbod.
Context en vervolgstappen
In augustus 2026 bouwt de Kansspelautoriteit verder op deze bevindingen door samenwerkingen met onderwijsinstellingen en branchepartijen te intensiveren zodat voorlichting op MBO-scholen en gerichte campagnes op sociale media kunnen worden uitgerold. De toezichthouder verwijst expliciet naar de Kansspelautoriteit voor de volledige rapporten en benadrukt dat de data continu worden gemonitord om beleid tijdig bij te sturen.
Conclusie
De drie studies verschaffen de Kansspelautoriteit een breder en actueler beeld van het goklandschap onder jongeren waardoor beschermingsmaatregelen gerichter kunnen worden vormgegeven en illegale kanalen effectiever kunnen worden aangepakt. De gepresenteerde gegevens vormen daarmee een basis voor verdere beleidsontwikkeling in de komende periode.